2.9.5 Tabaksrook

JGZ-richtlijn Astma

JGZ-richtlijn Astma

Astma

Het is aannemelijk dat meeroken met ouders/verzorgers (‘tweedehands rook’) en roken door de jeugdige zelf (‘eerstehands rook’) de kans op piepen en astma door de jeugdige verhogen (zie bijlage 1 voor onderbouwing ). Zowel het tijdens de zwangerschap binnenshuis meeroken als het zelf roken door de moeder tijdens de zwangerschap is schadelijk, en gerelateerd aan het ontstaan van episodisch piepen in de eerste levensjaren. Roken tijdens de zwangerschap heeft een negatieve invloed op de ontwikkeling van de longen van de foetus. Preventie van luchtwegproblemen door het verminderen van blootstelling aan tabaksrook (via eerste- en tweedehands rook, pre- en postnataal) is mogelijk.

Consequent buiten roken door ouder(s)/verzorger(s) voorkomt niet dat jeugdigen blootgesteld worden aan bestanddelen van tabaksrook {21}. Het neerdalen van stoffen die tijdens het roken vrijkomen en na het roken achterblijven op haren, kleding, huid, muren en meubels (‘derdehands rook’) draagt mogelijk ook bij aan een verhoogde kans op luchtwegklachten. De precieze gezondheidseffecten zijn echter vooralsnog niet bekend (Nationaal Expertisecentrum Tabakontmoediging 2017). 

Bij jeugdigen waarbij astma is vastgesteld kan blootstelling aan tabaksrook door meeroken de luchtwegklachten doen verergeren {28}, {8}. Er is in de literatuur enig bewijs dat roken door de jeugdige zelf de kans om klachten van episodisch piepen en astma te ontwikkelen verhoogt {11}.

Heb je suggesties voor verbetering van deze JGZ-richtlijn?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen