5.3 Ervaringen van JGZ-professionals

Praktijkmodule Gespreksvoering in de Jeugdgezondheidszorg

Praktijkmodule Gespreksvoering in de Jeugdgezondheidszorg

In 2019 zijn binnen het ZonMw-project ‘Gespreksvoering met ouders en jeugdigen: verbinding tussen JGZ-richtlijnen’ ervaringen verzameld van JGZ-professionals over het voeren van gesprekken met ouders en jongeren binnen de JGZ. Via LinkedIn, de GGD GHOR en Kennisnet werd een online vragenlijst gedeeld. 165 JGZ-professionals hebben de vragenlijst ingevuld; ze zijn gemiddeld 14,6 jaar werkzaam in de JGZ (min=0, max = 39 jaar). Bijna 60% van de respondenten werkte als jeugdverpleegkundige of verpleegkundig specialist (n=96), een derde als jeugdarts (n= 56), 5% van de respondenten was doktersassistente (n=8) en de steekproef bevatte tenslotte vijf managers en/of gedragswetenschappers. In een mondeling focusgroep gesprek met een kleine groep JGZ-professionals werden de uitkomsten van de peiling verder geduid.  

Uitkomsten peiling naar thema 

De uitkomsten van de peiling onder JGZ-professionals worden hieronder per thema beknopt weergegeven. 

Thema ‘vaardigheden’
JGZ-professionals zien praktijkervaring als de belangrijkste manier om gespreksvaardigheden te ontwikkelen. Tegelijk geven velen aan dat praktijkervaring alleen niet voldoende is: training, nieuwe inzichten en feedback zijn nodig om vaardigheden verder te verbeteren. Professionals beoordelen hun eigen gespreksvaardigheden gemiddeld met een 7,8 (range 5–10). De meeste gaan gesprekken met vertrouwen aan, maar geven ook aan dat er altijd ruimte is om te blijven leren.
Thema ‘rol van richtlijnen’
Ongeveer twee derde van de professionals vindt dat JGZ-richtlijnen ondersteunend zijn, vooral als bron van kennis en achtergrondinformatie. Ze bieden een basis en helpen bij de voorbereiding van gesprekken. Tegelijkertijd worden richtlijnen als weinig praktisch ervaren voor het voeren van gesprekken, bijvoorbeeld omdat concrete voorbeeldvragen of gesprekstechnieken vaak ontbreken.

Thema ‘belemmeringen bij gesprekken’
De meest genoemde belemmering is tijdgebrek. Daarnaast spelen factoren zoals weerstand van ouders of jongeren, complexe gezinssituaties (bijv. vechtscheidingen), cultuurverschillen, zorgmijdend gedrag en lastige omgevingsomstandigheden (bijv. weinig privacy of onrustige setting tijdens et gesprek). Onderwerpen die professionals het moeilijkst vinden om te bespreken zijn onder andere:
•    vermoedens van kindermishandeling of huiselijk geweld;
•    overgewicht bij kinderen en ouders;
•    roken;
•    psychische problematiek (bij ouders en jongeren);
•    suïcidaliteit, depressie en automutilatie;
•    situaties waarin ouders of jongeren zorg mijden.

Thema ‘wat helpt bij moeilijke gesprekken?’
Professionals noemen verschillende factoren die helpen om moeilijke gesprekken goed te voeren. Belangrijk zijn een open en respectvolle houding, goed luisteren, ouders erkennen als deskundigen over hun kind, niet oordelen en nieuwsgierig blijven. Ook helpt het om transparant te zijn, verwachtingen te bespreken en ouders of jongeren ruimte te geven om hun eigen verhaal te vertellen. Veel professionals gebruiken daarbij technieken uit de motiverende gespreksvoering, zoals toestemming vragen om een onderwerp te bespreken, samen de agenda van het gesprek bepalen, aansluiten bij de fase van verandering en ouders of jongeren stimuleren om zelf doelen en oplossingen te formuleren.

Heb je suggesties voor verbetering van deze Praktijkmodule?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen