1.1 Waarom deze Praktijkmodule?

Praktijkmodule Rouw en verlies

Praktijkmodule Rouw en verlies

Rouw na het verlies van een kind is voor ouders intens, niet iets wat “voorbijgaat”, maar wat geïntegreerd moet worden in het leven. Cijfers laten zien dat rouw- en verlieservaringen vaak voorkomen in de JGZ, ook in bredere zin zoals het verlies van een ouder of rouw na een ingrijpende diagnose voor het kind zoals een chronische ziekte [33].

JGZ-professionals vinden rouw en verlies belangrijke thema’s en hebben behoefte aan achtergrondinformatie en praktische handvatten. In 2009 werd de JGZ-richtlijn ‘Begeleiding gezin bij overlijden kind’ ontwikkeld, onder andere op basis van de ervaringen van ouders die een kind hebben verloren. 

De Praktijkmodule ‘Rouw en verlies’ is een herziening van de vorige richtlijn uit 2009 en verbreedt het thema rouw en verlies. Naast het overlijden van een kind is er aandacht voor ‘levend verlies’: chronische rouw die kan ontstaan na een blijvende, levensveranderende ervaring. Ook wordt aandacht besteed aan rouw na het overlijden van een ouder of andere naaste (zoals een broer of zus) en aan de manier waarop dit verlies een plek kan krijgen. Daarnaast is er meer aandacht voor culturele en religieuze diversiteit in de beleving en omgang met rouw en verlies. 

Deze Praktijkmodule biedt praktische ondersteuning en tips voor professionals in de JGZ. Een Praktijkmodule heeft, in tegenstelling tot een JGZ-richtlijn, geen formele verplichting of juridische status. Het niet volgen van een Praktijkmodule heeft daarom geen juridische consequenties en behoeft geen nadere verantwoording. JGZ-professionals kunnen de Praktijkmodule flexibel en naar eigen professioneel inzicht toepassen.

Heb je suggesties voor verbetering van deze Praktijkmodule?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen