3.5.3 Administratieve handelingen bij levend verlies

Praktijkmodule Rouw en verlies

Praktijkmodule Rouw en verlies

Wanneer sprake is van signalen van levend verlies of wanneer een ouder/verzorger aangeeft gevoelens van verlies te ervaren, verdient het aanbeveling om de volgende handelingen te verrichten:

  • Registreer naast medische informatie ook de psychosociale context, zodat de JGZ het gezin zorgvuldig kan blijven volgen en vroegtijdig signalen van overbelasting kan herkennen.
  • Registreer, voor zover bekend en relevant:
    • Aard van de gebeurtenis, zoals vermoeden van een aandoening, langdurige diagnostiek, chronische ziekte, beperking, ontwikkelingsstoornis, zeldzame aandoening, onduidelijke prognose of dreigend verlies tijdens de zwangerschap;
    • Datum of periode waarin de gebeurtenis bekend werd;
    • Betrokken gezinsleden en zorgen van ouders/kind;
    • Draagkracht, draaglast en steunbronnen;
    • Signalen van langdurig verdriet, overbelasting, vermijding, schuldgevoelens, sociale terugtrekking of toekomstzorgen;
    • Kwetsbare momenten of triggers, zoals uitslagen, ziekenhuisafspraken, schoolovergangen, puberteit, medische achteruitgang of niet behaalde ontwikkelingsmijlpalen;
    • Gemaakte afspraken over vervolgcontact, overdracht of verwijzing. 
  • Controleer welke zorg of begeleiding al betrokken is en leg vast met wie, met toestemming van ouders/verzorgers, afgestemd mag worden. Bij langdurige diagnostiek of onzekerheid wordt vervolgcontact niet pas na een definitieve diagnose gepland, maar ook tijdens het diagnostische proces. Het dossier ondersteunt continuïteit, zorgvuldige communicatie en vroegsignalering.

Heb je suggesties voor verbetering van deze Praktijkmodule?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen