4.6 Besluiten over aanvullende ondersteuning of verwijzing

Praktijkmodule Rouw en verlies

Praktijkmodule Rouw en verlies

Gebruik de zorgbehoefte-inschatting uit de module Preventie en signaleren om samen met het gezin te beoordelen of aanvullende ondersteuning nodig is. Aanvullende ondersteuning of verwijzing kan worden overwogen wanneer:

  • de hulpvraag buiten de deskundigheid of mogelijkheden van de JGZ valt;
  • bestaande ondersteuning onvoldoende aansluit;
  • klachten of belasting toenemen;
  • het dagelijks functioneren duidelijk wordt beperkt;
  • de draaglast langdurig groter is dan de draagkracht;
  • gespecialiseerde diagnostiek of behandeling nodig is;
  • meerdere problemen elkaar versterken;
  • zorgen bestaan over de veiligheid.

Baseer het besluit niet alleen op de tijd die sinds het overlijden of de ingrijpende verandering is verstreken. Kijk naar de ernst, het beloop, het functioneren en de context van het kind en gezin.

Bij acute zorgen over veiligheid, ernstig psychisch ontregeld gedrag, zelfbeschadiging of doodsverlangen wordt gehandeld volgens de geldende crisis- en veiligheidsafspraken.

De JGZ stelt geen diagnose van een persisterende rouwstoornis. Bij een vermoeden daarvan kan de JGZ signaleren, het functioneren volgen en verwijzen voor passende diagnostiek.

Heb je suggesties voor verbetering van deze Praktijkmodule?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen