4.9 Warme overdracht

Praktijkmodule Rouw en verlies

Praktijkmodule Rouw en verlies

Wanneer aanvullende ondersteuning wordt ingezet, vindt bij voorkeur een warme overdracht plaats. Het gezin krijgt daarbij niet alleen contactgegevens, maar wordt actief geholpen om de aansluiting met de nieuwe professional tot stand te brengen.

Een warme overdracht kan bestaan uit:

  • de verwijzing vooraf met het gezin bespreken;
  • samen de hulpvraag formuleren;
  • rechtstreeks contact tussen de JGZ en de ontvangende professional;
  • een gezamenlijke telefonische of schriftelijke overdracht;
  • indien nodig een gezamenlijk gesprek;
  • controleren of de ontvangende professional de hulpvraag kan oppakken;
  • duidelijke afspraken maken over het vervolg.

Draag alleen relevante informatie over, bijvoorbeeld over de aanleiding van de verwijzing, de hulpvraag, het functioneren van het kind en gezin, belangrijke beschermende en risicofactoren, bestaande steun en reeds betrokken hulpverlening.

Bij levend verlies kan naast medische informatie ook de psychosociale context relevant zijn, zoals de impact van onzekerheid, dagelijkse zorgbelasting en de beleving van ouders en kind.

Voorkom waar mogelijk dat ouders en kinderen hun verhaal opnieuw volledig moeten vertellen. Tegelijkertijd behouden zij de vrijheid om zelf te bepalen wat zij met de nieuwe professional willen bespreken.

Heb je suggesties voor verbetering van deze Praktijkmodule?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen