2.2 Risico – en beschermende factoren 

JGZ-richtlijn Angst

JGZ-richtlijn Angst

Angst

Risico- en beschermende factoren

Problematische angst en angststoornissen bij kinderen en jongeren kunnen door verschillende factoren veroorzaakt en beïnvloed worden. Risicofactoren bedreigen een gezonde ontwikkeling van een (kwetsbare) jeugdige, beschermende factoren bevorderen de ontwikkeling en bieden een tegenwicht voor de risicofactoren[83]. Beschermende factoren kunnen ook helpen bij een veerkrachtige reactie in moeilijke situaties [99].
Wanneer de JGZ-professional kennis heeft van de aanwezige risicofactoren en beschermende factoren kan hij inschatten wat de verhouding draagkracht en draaglast van een jeugdige en/of het gezin is (zie Balansmodel Deze linkt opent in een nieuw tabblad). Daarnaast bieden risicofactoren en beschermende factoren aangrijpingspunten voor de uitvoering van de taken van de JGZ (signaleren, normaliseren, voorlichten, adviseren, ondersteunen, begeleiden en toeleiden naar zorg) en in te zetten interventies. De factor moet dan wel beïnvloedbaar zijn [82]. Factoren die niet beïnvloedbaar zijn (zoals IQ of biologische factoren) kunnen wel een signaleringsfunctie hebben.

Het is belangrijk om te realiseren dat het niet altijd om oorzakelijke verbanden gaat [153]: de risicofactoren en beschermende factoren die in longitudinale studies naar voren zijn gekomen bepalen gemiddeld gezien de mate van angst in een groep jeugdigen, vaak in samenhang met elkaar [112]. Dit zegt echter niets over een individuele jeugdige. De optelling van meerdere risicofactoren vergroot wel de kans op een ongunstiger uitkomst bij een jeugdige.

Onderscheid in risico- en beschermende factoren per ontwikkelingsfase

In de verschillende stadia van de ontwikkeling van jeugdigen zijn er diverse risico- en beschermende factoren aan te wijzen. Daarom zullen er in de verschillende ontwikkelingsstadia ook andere accenten gelegd moeten worden om angstproblemen te voorkomen of aan te pakken.
In de voorschoolse periode spelen factoren binnen de opvoeding een grote rol, zoals de gehechtheid van de jeugdige, de sensitiviteit van de ouders en hun opvoedings- en communicatievaardigheden.
In de schoolse periode worden, behalve opvoedingsfactoren, omgevingsfactoren belangrijker, zoals veiligheid in de buurt, de aard van de relatie met leeftijdsgenoten (goede vriendschappen) en steun van andere belangrijke volwassenen [110]. Belangrijke risicofactoren zijn negatieve denkstijl, lage zelfwaardering, pesten en minder goed ontwikkelde sociaal-emotionele vaardigheden [78].

Heb je suggesties voor verbetering van deze JGZ-richtlijn?

Geef jouw feedback

Heb je vragen?

Neem voor vragen of meer informatie contact met ons op

Contact opnemen